Ik gilde dwars door de stille Texelse nacht heen, gelukkig werd niemand van de kinderen ervan wakker.
Nachtmerries als minihorrorfilms. Ik heb ze soms en nu dus ook op Texel. Deze keer was ik een kind nog in mijn droom en lag er een monster bij me in bed dat me in een wurggreep hield. Ik probeerde te gillen (dat deed ik dus echt), maar er kwam geen hulp. In mijn droom dacht ik: waar is papa nou, die moet mij toch beschermen?
Zongestoofde heide
Ik heb het vaak over mijn moeder, maar mijn vroegste herinneringen aan Texel zijn minstens zo gekleurd door mijn vader. Misschien zelfs wel méér, dacht ik vandaag terwijl ik door de duinen fietste.
In mijn kinderdagboeken kan ik lezen dat we altijd met een super gestresste vader naar Texel vertrokken (‘… en natuurlijk was papa weer driftig, enzovoort enzovoort.’). Maar eenmaal in het vakantiehuisje in het bos viel alles weg. Het was mijn vader – niet mijn moeder – die de rituelen vormde. Altijd op zaterdag pannenkoeken bij de Worsteltent. Samen in de golven duiken (Mijn vader: ‘Daar komt een hele grote, een kolonel! En dat daar is een generaal!’). Het was mijn vader die elk jaar opnieuw ingenieuze speurtochten uitzette voor het gezin en ons dan stiekem vanuit de bosjes volgde (we hadden het nooit door). Die mij tijdens de vaste wandelingen leerde wat de twee lekkerste geuren ter wereld waren: ‘Zongestoofde heide. En een bos na de regen. Daar kan geen parfum tegenop.’
Later, toen mijn moeder op Texel ging wonen, heeft zij het eiland opnieuw toegeëigend, maar ik denk eigenlijk dat zij, net als ik, mede zo dol was geworden op Texel omdat mijn vader er de piketpaaltjes voor ons had neergezet en wij daardoor als gezin even helemaal konden ontspannen. Wat op andere momenten wel anders was.
Dus waarom, als ik op Texel ben, denk ik eigenlijk zo vaak aan mijn moeder en amper aan mijn vader? Daar pieker ik over op de fiets. En over mijn droom.
Het herdenkingsbankje van mijn moeder wordt inmiddels gerestaureerd, ik heb contact daarover met de boswachter. Dat lukt niet meer voor dit jaar maar dat moest kennelijk zo zijn.
Dit jaar staat mijn vader centraal.